geschieden. 
Betaling van andere bedragen dient te geschieden binnen veertien dagen na de factuurdatum. Indien huurder niet op tijd betaalt, is hij van rechtswege in verzuim. Indien is overeengekomen dat bedragen bij wijze van automatische incasso geďncasseerd zullen worden en dat 
niet mogelijk is, is huurder in verzuim vanaf het moment van de vergeefse poging tot automatische incasso. Vanaf de datum van verzuim is huurder over het openstaande bedrag de wettelijke handelsrente, vermeerderd met twee procentpunt op jaarbasis verschuldigd, waarbij 
een gedeelte van een maand als een maand geldt. 
4. Indien huurder ook na sommatie in gebreke blijft het verschuldigde bedrag te betalen, is
hij daarenboven gehouden tot vergoeding van incassokosten. Onder incassokosten wordt verstaan alle kosten die verhuurder in en buiten rechte maakt voor de invordering van het verschuldigde bedrag met een minimum van 15% van het verschuldigde bedrag dan wel, indien het verschuldigde bedrag kleiner is dan € 500,- (excl. BTW), met een minimum van € 75,- (excl. BTW). 

Artikel 8: (Bijkomende) Kosten 
1. Bijkomende kosten: Rijklaarmaakkosten, haal- en brengkosten, aftankkosten en contractkosten kunnen in rekening worden gebracht. 
2. Kosten verbonden aan het gebruik van het voertuig: Gedurende de huurperiode zijn de aan het gebruik van het voertuig verbonden kosten, zoals tolgelden, kilometerheffing, kosten voor een Eurovignet, kosten uit beschikkingen die voortkomen uit overtredingen en de kosten voor 
brandstof, reiniging en parkeren voor rekening van huurder. 

Artikel 9: verplichtingen met betrekking tot het gebruik van het voertuig
1. Huurder dient op zorgvuldige wijze met het voertuig, de sleutel en andere toebehoren daarbij of onderdelen daarvan om te gaan en ervoor te zorgen dat het voertuig overeenkomstig zijn bestemming wordt gebruikt. 
2. Huurder is gehouden het voertuig schoon te retourneren. Bij niet-nakoming van deze verplichting kunnen de schoonmaakkosten in rekening worden gebracht, met een minimum van € 25,- (excl. BTW). 
3. Huurder is gehouden lading van het voertuig voldoende te borgen. 
4. Alleen personen die in de huurovereenkomst als bestuurder - eventueel tevens in de hoedanigheid van huurder - zijn aangeduid, mogen het voertuig besturen, mits zij beschikken over de daartoe vereiste bevoegdheid en
bekwaamheid. 
5. Het is huurder niet toegestaan het voertuig, de sleutel of andere toebehoren ter beschikking te stellen aan een persoon die niet als bestuurder is vermeld op de voorzijde van het huurcontract, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen. 
6. Het is huurder niet anders dan met schriftelijke toestemming van verhuurder toegestaan het voertuig weder te verhuren of anderszins aan een ander in gebruik te geven. 
7. Het is huurder niet toegestaan verhuurder jegens derden te verbinden of de schijn daartoe te wekken. 
8. Indien verhuuurder inlichtingen aan autoriteiten dient te verstrekken over de identiteit van de persoon die op enig moment het
voertuig heeft bestuurd of gebruikt, dient huurder deze identiteit desverzocht aan verhuurder mede te delen. 
9. Het is huurder niet toegestaan lifters of dieren in het voertuig mee te nemen, het voertuig te gebruiken voor rijles of met het voertuig wedstrijden, snelheids-, rijvaardigheids- of betrouwbaarheidsproeven te houden, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen. 
10. Het is huurder niet toegestaan het voertuig buiten de landsgrenzen van Nederland te brengen, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen met verhuurder. 
11. Huurder dient alle vloeistoffen en de bandenspanning op het vereiste niveau te (laten) houden en dient gevolg te geven aan een oproep van verhuurder om het voertuig
voor onderhoud aan te bieden. Een dergelijke oproep van verhuurder zal zo tijdig gedaan worden dat huurder daaraan redelijkerwijs kan voldoen. 
12. Huurder is gehouden het voertuig in oorspronkelijke staat bij verhuurder terug te bezorgen. Huurder is verplicht tot het ongedaan maken van door hem of namens hem aangebrachte veranderingen en toevoegingen; huurder kan terzake geen enkel recht op vergoeding doen 
gelden. 
13. Huurder dient voor het voertuig geschikte brandstof te tanken met, indien vereist, de vereiste toevoegingen. 
14. In geval van schade of defecten aan het voertuig, is het huurder niet toegestaan het voertuig te gebruiken indien dat kan leiden tot verergering
van de schade of van de defecten, of tot vermindering van de verkeersveiligheid. 
15. In geval van schade aan of vermissing van het voertuig, toebehoren daarbij of onderdelen daarvan of enige gebeurtenis waaruit met grote mate van waarschijnlijkheid schade kan volgen, is huurder verplicht: 
-verhuurder hiervan onmiddellijk telefonisch in kennis te stellen; 
-de instructies van verhuurder op te volgen; 
-de politie ter plaatse te waarschuwen; 
-gevraagd en ongevraagd alle inlichtingen en alle bescheiden die op de gebeurtenis betrekking hebben aan verhuurder of aan diens verzekeraar te verstrekken; 
-binnen 48 uur een volledig ingevuld en ondertekend schadeaangifteformulier met, indien vereist, een
kopie rijbewijs van de bestuurder aan verhuurder te overleggen; 
-zich van erkenning van schuld in enigerlei vorm te onthouden; 
-het voertuig niet achter te laten zonder het behoorlijk tegen het risico van beschadiging of vermissing beschermd te hebben; 
-de verhuurder en door de verhuurder aangewezen personen alle gevraagde medewerking te verlenen ter verkrijging van schadevergoeding van derden of ten verwere tegen aanspraken van derden. 
16. Huurder dient verhuurder zo spoedig mogelijk te informeren over: 
-verstoring van de werking van de kilometerteller, de tachograaf, de snelheidsbegrenzer of de PTO- en koelmotor- en bedrijfsurenteller; 
-verbreking van het verzegelplan van het
brandstoftoevoersysteem; 
-defect raken van het voertuig of over een storing die het voertuig vertoont ; 
-beslaglegging op het voertuig; 
en over andere omstandigheden waarover verhuurder redelijkerwijs geďnformeerd dient te worden. 
17. Huurder is verplicht de verplichtingen en verboden van dit artikel op te leggen aan bestuurder, passagiers en andere gebruikers van het voertuig en toe te zien op de nakoming daarvan. 

Artikel 10: Aansprakelijkheid van de huurder voor schade 
1. Indien tussen partijen geen schadebeschrijving van het voertuig is opgemaakt, wordt huurder verondersteld het voertuig in onbeschadigde toestand te hebben ontvangen. 
2. Huurder is aansprakelijk voor alle schade van de verhuurder die is ontstaan ten gevolge van enige gebeurtenis tijdens de huurperiode of anderszins verband houdende met de huur van het voertuig, met inachtneming van het navolgende. 
3. Indien er een eigen risico in de huurovereenkomst is overeengekomen, is de aansprakelijkheid van huurder voor schade per schadegeval beperkt tot het bedrag van het eigen risico, tenzij: 
-de schade is ontstaan tijdens of ten gevolge van handelen of nalaten in strijd met
artikel 9 of anderszins daarmee verband houdt; 
-de schade is ontstaan ten gevolge van gebruik van het voertuig op onverhard terrein, of gebruik van het voertuig op terrein waarvoor het voertuig kennelijk niet geschikt is, of terrein waarvan de huurder of bestuurder ter kennis is gegeven dat het betreden op eigen risico geschiedt;
-het voertuig aan een derde is weder verhuurd, ook indien verhuurder daarin heeft toegestemd;